Stijgende stroomvraag door datacenters zet elektriciteitsnet in Nederland onder druk
Steeds meer bedrijven op wachtrij voor stroom, terwijl grote datacenterprojecten aan hoog tempo doorgaan

Nederland speelt internationaal een steeds grotere rol op het vlak van datacenters, maar dat brengt ook grote uitdagingen met zich mee voor het elektriciteitsnet. Ondanks strengere regelgeving en een toenemende drukte op het net, groeit de sector gestaag verder. Momenteel zijn er al meer dan 25 grote datacenterprojecten in aanbouw of in voorbereiding, waarvan velen de vergunningen al rond hebben. Deze nieuwe generatie datacenters verbruikt evenveel elektriciteit als een kleine of middelgrote stad en heeft aansluitingen nodig die tot ver boven de 100 megawatt gaan.
De afgelopen jaren is het energieverbruik van datacenters in Nederland fors toegenomen. Tussen 2018 en 2024 is het jaarlijkse gebruik verdubbeld naar 5.000 gigawattuur, goed voor zo’n 4,6% van het totale stroomverbruik in het land. In gemeenten rond Amsterdam, zoals Haarlemmermeer, is de groei nog sterker merkbaar. Naast de grote technologiebedrijven als Google en Microsoft, die samen al zo’n 2% van het landelijk stroomverbruik opeisen, zorgt ook de opmars van toepassingen met artificiële intelligentie voor een stijgende vraag naar energie binnen de sector.
De vooruitzichten voor de toekomst zijn onzeker. Energiemakers schatten dat datacenters tegen 2030 tot 15% van het nationale stroomverbruik kunnen innemen, al houden overheidsinstanties het bij 10%. Door lange vergunningstrajecten en de overvolle netten zal verdere groei deels pas na 2030 gerealiseerd worden. Ondertussen blijven bedrijven als Google, Microsoft en Equinix fors investeren in nieuwe datacenters, vooral in het noorden van het land. Toch waarschuwen sector en experts dat gebrekkige infrastructuur en stroperige procedures ertoe kunnen leiden dat investeringen naar het buitenland verdwijnen.




