Europese Commissie wil nieuw inlichtingenorgaan oprichten onder leiding van Ursula von der Leyen
Brussel wil intel-deling tussen EU-lidstaten versterken maar stuit op kritiek en gevoeligheden

De Europese Commissie werkt, onder leiding van Ursula von der Leyen, aan de oprichting van een speciale inlichtingeneenheid die als doel heeft de verwerking van nationale inlichtingen van de EU-landen te verbeteren. Deze nieuwe eenheid, die onder het secretariaat-generaal zal vallen, zal experts uit verschillende landen en instellingen inzetten om op EU-niveau informatie te verzamelen en uit te wisselen. De plannen hebben volgens bronnen nog geen precieze timing, maar de eenheid zou nauwe samenwerking moeten aangaan met de al bestaande Europese Dienst voor Extern Optreden (EEAS).
De recente grootschalige Russische aanval op Oekraïne en de uitspraken van Donald Trump over mogelijke afbouw van Amerikaanse militaire steun aan Europa, hebben in Brussel geleid tot een hernieuwd gevoel van urgentie. Dit heeft niet alleen geleid tot de grootste herbewapeningscampagne sinds de Koude Oorlog, maar zet ook de veiligheidssamenwerking tussen de EU-lidstaten op scherp. Von der Leyen onderstreepte haar inzet voor veiligheid en gezamenlijke defensie met initiatieven zoals het ‘veiligheidscollege’ voor commissarissen, steun aan Oekraïne en het Iris² satellietproject.
Toch zijn er vanuit de diplomatieke rangen van de EU kritische geluiden te horen. Hooggeplaatste functionarissen vrezen dat het nieuwe centrale inlichtingenorgaan kan overlappen met het bestaande Intcen, het huidige inlichtingen- en situatiescentrum van de Unie. De gebrekkige communicatie over het project zorgt bovendien voor ongemak bij sommige lidstaten, in het bijzonder landen als Frankrijk met uitgesproken inlichtingennetwerken. Ook heersen er twijfels over het delen van gevoelige informatie en spelen binnen sommige landen, zoals het prorus gepercipieerde Hongarije, politieke overwegingen een rol, wat het succes van deze eenheid mogelijk bemoeilijkt.




