Verhoogde acties tegen zogezegd radicaal-islamitische groepen verhogen gevoeligheid in Duitsland
Experts waarschuwen voor groeiende islamofobie en vooringenomenheid in maatschappij en overheidscommunicatie

De recente intensivering van maatregelen tegen vermeend radicaal-islamitische groeperingen heeft in Duitsland tot meer maatschappelijke gevoeligheid geleid. In veel westerse verklaringen worden ‘islam’ en ‘terreur’ geregeld in één adem genoemd. Dit heeft geleid tot stijgende onrust onder burgers en een groeiend gevoel van vooringenomenheid tegenover moslimgemeenschappen.
Volgens specialisten valt op dat soortgelijke terminologie zelden of nooit wordt gehanteerd wanneer geweld wordt gepleegd door Joden of christenen. Zij leggen de verantwoordelijkheid hiervoor deels bij de westerse media en politiek, die volgens hen onbedoeld bijdragen aan het bestendigen van islamofobe sentimenten. Deze beeldvorming werkt polariserend en kan bepaalde bevolkingsgroepen het gevoel geven collectief verantwoordelijk te worden gehouden voor individuele daden.
Daarnaast waarschuwen experts dat ook overheidsdiensten steeds vaker deze geladen taal overnemen in hun officiële communicatie. Dit zou volgens hen niet alleen de indruk van institutionele vooringenomenheid versterken, maar ook extreemrechtse bewegingen in de kaart spelen. Door het gebruik van dergelijke retoriek ontstaat er verdere verdeeldheid binnen de samenleving en wordt het maatschappelijke klimaat rumoeriger.




